De eerste Holle Bolle Gijs die door
Anton Pieck werd ontworpen kreeg een
plaats dicht bij het enkele jaren eerder
geopende horecapunt
In den Hoorn des
Overloeds, niet ver van het
Theehuis, de
Anton Pieckcarrousel en aan de rand van
de grote Speeltuin. Een prima plek dus
om papier te verzamelen. Omgeven door
vuil speeltuinzand en hoge bomen kon
vanaf een wat verhoogd plateautje papier
in Gijs’ altijd geopende mond gestopt
worden.
Gijs draagt vanaf dag één een rood
truitje met daarop een keurig wit
kraagje, en heeft, als gezonde jongen,
blozende wangen en wilde blonde lokken.
Erg slim kijkt hij niet uit zijn ogen:
een blik om zélf van te gapen doet
vermoeden dat het weinig moeite kost om
hier aan de kost te komen. Een veel
actiever ogende kabouter op het
pannendak van het kleine gestucte huisje
waarin Gijs zich heeft verschanst wijst
naar zijn opengesperde ronde mond. Een
naambordje dat bevestigd is boven het
gewelf wijst ons er nog eens op dat we
hier te maken hebben met de enige echte
Holle Bolle Gijs. De opengewerkte
letters doen tevens dienst als
luidsprekercamouflage.
Rond Holle Bolle Gijs komen we in veel
Efteling-publicaties een anekdote tegen
over het vervangen van een hegje door
een hekje. In “Mam, een Duppie voor de
kip?” vinden we een citaat hierover van
Peter Reijnders zelf:
"De kinderen laten zich dat
['Papier hier' dus — redactie WWCW]
geen twee keer zeggen. Ze lopen naar
papiertjes en ander afval te zoeken
om de niet te verzadigen Gijs aan
z'n trekken te laten komen",
vertrouwt Peter Reijnders in 1959
een journalist toe. "In het begin
hadden we in de buurt van deze
attractie een hegje staan. Maar in
een mum van tijd hadden de kinderen
er alle blaadjes vanaf gehaald, om
Holle Bolle Gijs z'n honger te doen
stillen. We hebben er nu een ijzeren
hek neer moeten zetten."
Holle Bolle Gijs roept eenvoudig,
afgemeten en met een meer dan overdadige
articulatie niets meer of minder dan wat
hem en zijn mede-Gijzen wereldberoemd in
Nederland zou maken: "Pa-pier Hier!"
Wanneer hem wat wordt toegestopt bedankt
hij heel beleefd met een al even
eenvoudig: "Dank u wel!". De stem die we
hier horen is van Theo Hochwald, een
oud-medewerker die wel meer stemmen in
het park heeft ingesproken (onder andere
voor het Kinderspoor,
Fata Morgana en de
eerste versies van de sprookjesverhalen
in het
Sprookjesbos). De kabouter op het
dak spreekt niet, wat gezien zijn
opengesperde mond verrassend is. Slordig
is het dat de hoes van het album “Muziek
van de Efteling”, editie na editie
vermeldde dat de stem van Speeltuin Gijs
ingesproken zou zijn door Joop
Bruggeling. In augustus 2002, tijdens de
Belgische Week die het park
organiseerde, sprak Speeltuin Gijs de
parkgasten toe met Vlaamse tongval. Zijn
tekst was voor deze gelegenheid ook
aangepast naar iets vol zulle’s
en ah-allé-manneke’s.
 |
 |
 |
Hand aan de mond, roepende
houding, maar geluid maken, ho
maar! |
Eftelingse eenvoud in topvorm |
Het bijna legendarische hekje
naast Speeltuin Gijs houdt, in
tegenstelling tot het hegje, wel
stand |
 |
 |
 |
|
Het ontwerp van Anton Pieck voor
de kabouter die ook al vanaf
1958 in het park aanwezig is |
Een oude foto (waarschijnlijk
eind jaren vijftig) uit Kroniek
van een Sprookje.
Het huisje en het muurtje lijken
op de huidige situatie... |
...terwijl het op deze ansicht
uit de jaren zestig allemaal
anders oogt: van boogsteentjes
tot plateau. Dit moet
toch bijna wel een andere Gijs
zijn |
Als Gijs met de langste geschiedenis,
is het niet verwonderlijk dat hij, net
als figuren als
Langnek,
de
Herauten en
Roodkapje, in de loop der jaren meedere
malen van uiterlijk veranderde. Wie oude
fotoboekjes doorbladert of
ansichtkaarten bekijkt (ooit had deze
Gijs jaar na jaar een prentenbriefkaart
helemaal voor zichzelf!) zal vast vaak
foto’s zien met het oude uiterlijk van
Speeltuin Gijs: nóg kleinere
varkensoogjes, als frambozen blozende
wangen en een veel minder glad
oppervlak. De eerste Speeltuin Gijs was
niet gemaakt van stevig polyester, maar
van beschilderde klei op gaas. Zijn
huidige gestalte heeft Gijs vermoedelijk
begin jaren tachtig gekregen, toen onder
supervisie van Ton van de Ven veel
oudere Pieck-figuren een mooier en
professioneler uiterlijk kregen.
Een mysterie (voor menig
Efteling-intimus althans) vormt de
“Variant op Speeltuin Gijs”, die ook op
veel oude parkfoto’s en ansichten
opduikt. Dit is een Holle Bolle Gijs die
qua gezicht het evenbeeld is van
Speeltuin Gijs, maar in een heel ander
huisje heeft plaats genomen. Een huisje
zonder muurtjes of hekjes aan de
zijkant, zonder tegelplateautje ervoor,
maar mét een schoorsteen, sierlijke
boogsteentjes rond de nis, een bordje
“Efteling” op het deurtje en de beroemde
kabouter op het dak. Hoe we deze Gijs
precies moeten plaatsen is een raadsel,
maar gezien de chronologie van het
beschikbare drukwerk, en het nogal
“verplaatsbare” karakter van deze Gijs
(compleet met wegneembaar opstapje),
lijkt het bijna wel of we hier met een
multi-inzetbare hulp-Gijs uit de vroege
jaren te maken hebben.
Een oudere versie van de echte Speeltuin
Gijs is nog als etalagemateriaal te
vinden tussen de prullaria van
souvenirwinkel In den Oude Marskramer,
en soms doet deze dienst als vervanger
van een langdurig in onderhoud
verkerende Gijs. Een aantal moderne
mobiele versies van Speeltuin Gijs, met
een lichtgewicht en verplaatsbaar huisje
dat identiek oogt aan de echte versie,
wordt door de Efteling gebruikt op
beurzen en exposities. “Mobilo Gijs” is
ook te vinden bij de ingang van het
Hotel, of tijdens de Winter Efteling in
het
Kinder Winter Wonderland. |